Wotanin Wowapi 37 – maart 2000


nieuwsbrief van de Lakota Stichting

nummer 37, maart 2000

Inhoudsopgave


Van redactie & bestuur

In het vorige nummer beloofden we u een verantwoording voor het geld dat we in 1999 inzamelden voor de slachtoffers van de tornado in het Pine Ridge-reservaat. Omdat ons in de loop van het najaar geruchten bereikten dat er iets niet in orde was met één van de ingestelde fondsen voor de tornadohulp, hebben we met het uitkeren van het geld gewacht.

In januari kwamen er berichten over de bezetting van het stamraadkantoor, het Red Cloud Building, door boze stamleden die vermoedden dat met stamraad-fondsen werd gefraudeerd. Over die bezetting staat elders in deze Nieuwsbrief een artikel.

In de gegeven omstandigheden hebben we besloten de donaties voor de tornadohulp niet aan dergelijke fondsen uit te keren, maar aan een organisatie die zich met huizenbouw op het Pine Ridge-reservaat bezighoudt. Zo komt het geld (weliswaar indirect) toch op zijn plaats terecht en komt het, zoals ook de bedoeling was, aan de reservaatsbewoners ten goede.

Gerda Bolhuis


Crazy Horse

Boekbespreking

Larry McMurtry. Crazy Horse. New York: Lipper/Viking. Penguin Lives, 1999. ISBN: 0-670-88234-8.

Crazy Horse of Ta-Shunka-Witco, de beroemde, fascinerende Lakota-strijder en mysticus die in 1877 overleed, heeft veel, te veel, schrijvers geïnspireerd tot een boek over zijn leven. De moeilijkheid is dat over dat leven veel onbekend is, maar dat niet elke auteur daaraan even zwaar lijkt te tillen. Zo kom je over dezelfde gebeurtenissen nogal eens tegenstrijdige feiten of een onverwacht stellige toon tegen. Larry McMurtry, zelf beroemd geworden door Lonesome Dove, heeft met zijn boek over Crazy Horse een genuanceerd én meeslepend verhaal geschreven. Hij ontwart de brij van feiten en fictie zorgvuldig en zo ver mogelijk, zonder dat het saai wordt. Het boek, opgedragen aan de moderne indiaanse auteur Leslie Marmon Silko, is overigens (nog?) niet in het Nederlands vertaald.

McMurtry verwijst in het begin van het boek naar het Crazy Horse Memorial, het gigantische gedenkteken-in-wording dat op Thunderhead Mountain in de Black Hills verrijst. Rond deze berg zullen de statistieken zich opstapelen, zoals de feiten, geruchten en legenden dat deden rond Crazy Horse zelf, verwacht de auteur. Dat hij hier in al aardig gelijk heeft gekregen, merkt ieder die in het bezoekerscentrum onontkoombaar door steeds nieuwe getallenreeksen over verwijderde tonnen steen etcetera wordt overdonderd. Crazy Horse ontsteeg en ontstijgt blijkbaar elke gewone maat.

Zijn eigen volk noemde Crazy Horse ‘onze vreemde man’, schrijft McMurtry. Crazy Horse was van nature zwijgzaam en een Einzelgänger, maar had ook een groot verantwoordelijkheidsgevoel en kwam op voor zijn mensen, desnoods ten koste van zichzelf. Hij heeft het nooit op een akkoordje willen gooien met de blanken die zijn land binnentrokken. Liefst meed hij ze, maar als dat onmogelijk was ging hij onverschrokken de strijd aan. Hij stond als bijzonder moedig bekend en streed onder andere in de slag bij de Little Big Horn in de zomer van 1876, de slag waarin Custer het leven verloor. Crazy Horse was toen pas een dertiger, maar hij zou zelf ook niet lang meer leven. Hij kwam in september 1877 bij Fort Robinson in Nebraska door een bajonetsteek om het leven, enkele maanden nadat hij daar met een groep uitgeputte en volkomen berooide volgelingen noodgedwongen naartoe was gegaan.

Crazy Horse’s uiterlijk, zijn kenmerkende eigenschappen, zijn manier van leven, zijn optreden in de strijd met de blanken, en zijn voortijdig einde; McMurtry beschrijft alles wat er te zeggen valt compact en beeldend. Zijn boek is een aanrader voor ieder die in Crazy Horse geïnteresseerd is.

Marian Cuisinier


Bezetting op Pine-Ridge-reservaat

Het kantoor van de stamraad van de Oglala Sioux-stam op het Pine Ridge-reservaat is op 16 januari door boze stamleden bezet. Ongeveer honderd mensen, geleid door de traditionele chief Oliver Red Cloud, voerde de (vreedzame) bezetting uit. De groep nam dossiers in beslag, om te kunnen laten onderzoeken of het vermoeden van massale fraude met stamraadgelden kan worden gestaafd.

De dossiers (waaronder computerbestanden) zijn overgedragen aan de FBI. De bezetters eisen het aftreden van de stamraad. Stamraadvoorzitter Harold Dean Salway, die naar zijn zeggen met de bezetters samenwerkt, heeft ‘treasurer’ (penningmeester) Chuck Jacobs van zijn functie ontheven. Het personeel van de stamraad is met verlof gestuurd en de leden van de stamraad mogen het gebouw niet meer in. Inmiddels zijn er gesprekken met de autoriteiten gevoerd en is de firma Arroba & Associates een onderzoek begonnen naar de uitgaven van het vorig jaar.

In opdracht van Chuck Jacobs zijn de telefoonlijnen van het kantoor korte tijd afgesloten geweest. Ook heeft hij al eens het verzoek gedaan de elektriciteit naar het gebouw af te sluiten. Inmiddels is Jacobs nogmaals ontzet uit zijn functie, maar opnieuw aangesteld door rechter Patrick Lee. De stamraad houdt haar vergaderingen buiten het stamraadgebouw en zint op maatregelen.

De bezetters noemen zichzelf de ‘Grass Roots Oyate’. Ze hebben laten weten dat zij zich niet verbonden voelen met stamraadvoorzitter Harold Dean Salway, aan wie de toegang tot het stamraadgebouw inmiddels ook zou zijn ontzegd. De stamraad zelf wil hem eveneens kwijt. Salway zou geld voor hulp aan de tornadoslachtoffers voor andere doeleinden hebben gebruikt. Op 24 februari heeft hij 13 van de 17 stamraadleden op non-actief gesteld. Enkele dagen later heeft hij een soort ”noodtoestand” uitgeroepen. Daarop heeft de stamraad (dwz de afgezette leden) hem van zijn taak ontheven. Tevens hebben zij besloten dat er geweld gebruikt mag worden om de bezetters uit het stamraadgebouw te verwijderen. Ook het BIA (Bureau voor Indiaanse Zaken) heeft laten weten, dat zij dit goedkeuren. De acties van Salway worden als illegaal beschouwd.

De Grass Roots Oyate wil de bezetting volhouden tot hun eisen zijn ingewilligd en streeft naar een geweldloze afloop. De Grass Roots Oyate heeft een website: www.grassrootsoyate.com (inmiddels offline
Een andere site over de bezetting is: members.tripod.com/GrassRootsOyate; deze site geeft de meest recente persberichten van de Grass Roots Oyate weer, maar onduidelijk is in hoeverre deze site de bezetters vertegenwoordigt.

Op de Nieuwspagina van onze website www.lakota.nl kunt u de verdere gang van zaken blijven volgen.

Gerda Bolhuis


Wolf noch Hond

Boekbespreking

Kent Nerburn. Wolf noch hond. Over vergeten wegen in de schaduw van Sitting Bull. Amsterdam: Uitgeverij Byblos. ISBN: 90-5847-045-8. Prijs: f 49,90. (Vertaling van: Neither Wolf Nor Dog: On Forgotten Roads With an Indian Elder; 1994)

‘Ik geloof dat je zult zien dat ik geen blanke uitbuiter ben die handel drijft in indiaanse thema’s omdat die ‘in’ zijn of iemand die liefst zelf een indiaan wil zijn en op wonderbaarlijke wijze heeft ontdekt dat hij in een ver verleden ooit een Cherokee-grootmoeder heeft gehad. En bovenal geloof ik dat je zult zien dat ik niet zo’n verderfelijke blanke schrijver ben die beweert een wijze oude indiaan te hebben ontmoet die om onverklaarbare redenen heeft besloten zijn diepste culturele geheimen en lessen aan hem over te dragen.’

Bovenstaande tekst uit de Inleiding (pag. 9/10) kun je zien als het ‘Leitmotiv’ van dit boek. Hij is waar en hij is ook niet waar. De schrijver vertelt over zijn ontmoetingen met leden van een Lakota-familie. Hij probeert een serieus beeld te geven van de huidige situatie van indianen. Vooral probeert hij iets te laten zien van de gevoelens die hedendaagse indianen hebben over hun verleden en over hun problematische omgang met de westerse wereld. Maar centraal staat toch weer een wijze oude indiaan, Dan, die hém (de auteur) heeft uitgekozen om het verhaal te vertellen. Het boek is echter op geen enkele manier te vergelijken met de New Age-zoektochten en -initiaties die tegenwoordig zo populair zijn.

Er worden geen beschrijvingen gegeven van ceremonies en de schrijver wordt inderdaad niet ingewijd in de diepste geheimen van de Lakota. Kent Nerburn heeft een achtergrond in het werken met indianen, namelijk de Red Lake Ojibwa uit Minnesota, en heeft al meer over indianen gepubliceerd.

De lezers in Amerika reageren heel verschillend. De een beschouwt het boek als een meesterwerk, dat door alle geïnteresseerden op dit gebied zou moeten worden gelezen. De ander ziet in het boek een bevestiging van het Euro-Amerikaanse beeld van pan-indianisme: één homogene indiaanse cultuur. Hoewel de auteur inderdaad vaak over indianen in het algemeen spreekt, zijn toch de sfeer en achtergrond van de Lakota duidelijk te herkennen. Hierin speelt waarschijnlijk ook mee, dat het pan-indianisme de prairie-cultuur, de meest populaire indiaanse cultuur, als basis heeft.

Om toch een paar foutjes te noemen: de Nederlandse cover toont een landschap in Monument Valley en een indiaan uit het zuid-westen. De originele cover (zie hier naast) heeft een prairie-landschap. Ook wordt in de flaptekst gesuggereerd dat de oude indiaan een Cherokee-indiaan (uit het zuid-oosten ….) zou zijn, terwijl het hele verhaal over de Lakota-indianen gaat, die ….. in het noordelijk prairie-gebied wonen.

Het blijft kennelijk moeilijk voor buitenstaanders om de verschillen tussen al de indiaanse volken te zien.

Gerda Bolhuis


Korte berichten

Bezoek Kelly Looking Horse
Onze indiaanse reisleider Kelly Looking Horse en zijn vrouw Susie brachten in februari een kort bezoek aan Nederland. Voor geïnteresseerden was er in Utrecht een bijeenkomst over de reis naar de Lakota deze zomer. Kelly verzorgde verder enkele workshops in Eindhoven over dansen en dreamcatchers maken.

Gates’ Internetfonds

Bill Gates, de eigenaar van het computerconcern Microsoft heeft uit één van zijn liefdadigheidsfondsen geld beschikbaar gesteld om indianen met Internet te laten kennismaken. Het geld wordt geschonken aan het Native American Access to Technology Program, dat hulp gaat geven aan stammen in Nieuw-Mexico, Arizona, Colorado en Utah. Het zal besteed worden om apparatuur te kopen en ondersteuning te verlenen.
Santa Ana Pueblo en de Apaches in Nieuw-Mexico zijn de eersten die van het project zullen gaan profiteren.

Kennewick Man

Volgens een recent onderzoek is het skelet, dat enige jaren geleden bij de Columbia-rivier in de staat Washington werd gevonden meer dan 9000 oud en is het van een Amerikaanse indiaan. Het skelet (dat bekend staat als Kennewick Man) is al enige tijd een discussiepunt tussen wetenschappers en indiaanse organisaties. De eerste onderzoekers concludeerden, dat de duidelijk zeer oude botten Kaukasische (blanke) trekken vertoonde en het skelet dus niet van een indiaan was.
Indianen zagen dit als een aanval op hun claims van eerste bewoners van Amerika en eisten het skelet op om het te herbegraven. Volgens de Amerikaanse wet is elk restant van vóór 1492 per definitie van een indiaan en kan dat door de afstammelingen van het betreffende volk worden opgeéist om op de indiaanse manier te worden begraven.


Colofon

Eindredactie: Marian Cuisinier
Organisatie & produktie: Gerda Bolhuis
Layout/logo’s: Ad Vermeulen
Bijdragen: Gerda Bolhuis & Marian Cuisinier

ISSN 0926-2989

Share Button