Wotanin Wowapi 04 - januari 1991


nieuwsbrief van de Lakota Stichting

nummer 4, januari 1991

Inhoudsopgave


Van de redactie


Het jaar 1990 is uitgeluid met appelcider en vuurwerk, 1991 is begonnen. Allereerst wil de Lakota Stichting u dan ook een gelukkig nieuwjaar toewensen.
En zoals de gewoonte is zij er allerlei terugblikken op het oude jaar. Het Schokkendste Nieuws van 1990. De beste films van 1990. De Grootste Hits van 1990. Ook wij keken achterom en jawel, we kunnen tevreden zijn. In 1990, hebben we, zonder een cent subsidie, een fototentoonstelling in Groningen, een manifestatie in Nieuwegein en een reizenprojekt georganiseerd of mede-georganiseerd, om vervolgens met een positief winstsaldo te eindigen. Deze winst kunnen we weer gebruiken voor het opstarten van nieuwe aktiviteiten. De verkoop van o.a. posters en kaarten, en wie weet, een nieuwe subsidie, zullen moeten zorgen voor de continuiteit.
In de vierde Wotanin Wowapi kunt u iets lezen over de fototentoonstelling van Wounded Knee en een nieuwe gedichtenbundel met werk van Indiaanse auteurs, ook staat er een verslag in van de manifestatie en is er aandacht voor aktualiteiten. Veel leesplezier gewenst!

Namens de redactie,

Ingrid van Amelsfort


Lakol Wokiksuye


De fototentoonstelling 'Lakol Wokiksuye - herinnering in foto's' werd op 6 september in Groningen geopend door Milo Yellow Hair, vertegenwoordiger van de Lakota Treaty Council. Lakol Wokiksuye betekent 'herinnering aan de Lakota'. In ca. 150 foto's was de geschiedenis van de Lakota uit de periode 1870- 1890 te zien. De foto's waren ingedeeld in diverse blokken, waaronder de onderhandelingen over de verdragen, de bekende foto's van chief Big Foot bij Wounded Knee, de Amerikaanse soldaten die in die tijd de Lakota bevochten, portretfoto's van de bekende opperhoofden en de periode van het begin van het reservaatsleven. Hieronder bevonden zich ook enkele nog zelden eerder getoonde foto's.

De tentoonstelling trok in 7 weken tijd zo'n 3000 bezoekers. Vanaf december 1990 is de tentoonstelling te zien in het Volkenkundig Museum in de Neue Hofburg in Wenen (Oostenrijk). Bij uitgeverij Jugend und Volk in Wenen verscheen in november 1990 het bij de tentoonstelling horende fotoboek, eveneens Lakol Wokiksuye geheten. Dit fotoboek is verzorgd door Helga Lomosits en Paul Harbaugh, de samenstellers van de tentoonstelling. Het boek bevat 80 foto's, enkele achtergrond artikelen en een overzicht van de geschiedenis van de Lakota tot heden. Het kost 348 Oostenrijkse Schilling (ca. 57 gulden).

Gerda Bolhuis


Het boek van Huarochirí


Bij uitgeverij Meulenhoff is enige tijd geleden 'Het boek van Huarochirí, mythen en riten van het oude Peru' verschenen. Het is een zestiende-eeuws dokument, uit het Quechua vertaald door Willem Adelaar, docent in de vergelijkende taalwetenschappen aan de Universiteit van Leiden. Het is rond 1608 opgesteld door medewerkers van Francisco de Avila. Deze man was werkzaam als pastoor in de provincie Huarochirí, gelegen in het bergachtige achterland bij Lima, Peru. Meestal traden pastoors niet hard op tegen de 'heidense afgoderij' van de Indianen, en op hun beurt betaalden de Indianen de kerk en de pastoors met landbouwproducten en arbeid. Francisco moet echter iets gedaan hebben waardoor dit evenwicht verstoord werd. Omstreeks 1607 dienden een aantal dorpshoofden een aanklacht in tegen hem wegens uitbuiting, ontucht en mishandeling, en de pastoor werd enige tijd in de kerkelijke gevangenis van Lima opgesloten. Nadat hij op borgtocht vrij was gekomen nam Francisco wraak door een kruistocht te beginnen tegen de heidense gebruiken van de Indianen. Het boek van Huarochirí is daar het resultaat van. De inhoud bestaat vooral uit de geschiedenissen van de huacas, goden, en uit beschrijvingen van de manieren waarop deze goden worden vereerd.
Het is moeilijk dit boek in een hokje te zetten. Het is zowel een historisch als een religieus docu ment, maar je kunt het ook als een soort antropologische studie zien, aangezien de godsdienstige gebruiken van de Indianen centraal staan. Door een heldere vertaling is het boek prima te lezen. Een aanrader voor mensen die belangstelling hebben voor de inheemse bevolking van Peru.

Willem F.H. Adelaar, Het boek van Huarochirí, uitgeverij Meulenhoff 1988. Prijs 9,90.

Ingrid van Amelsfort


Boekrecensie: De aarde is ons vlees

Bloemlezing uit het werk van 27 Indiaanse dichters

De laatste tijd is de belangstelling voor Indiaanse literatuur groeiende. Indiaanse literatuur is meestal niet wat de meeste mensen denken, protest-literatuur. Men verwacht van Indiaanse schrijvers woede en wrok ten opzichte van blanken. Maar het doet afbreuk aan de Indiaanse literatuur om complexe verhalen enkel in het licht van een rood-witte haat verhouding te zien. Indiaanse schrijvers zijn zowel beïnvloed door hun achtergrond als door Amerikaanse en Europese literaire stromingen. Bij uitgeverij In de Knipscheer is een bundel uitgekomen met gedichten van Amerikaans-Indiaanse dichters.
Onder de titel 'De Aarde Is Ons Vlees' wordt het werk van 27 dichters gepresenteerd. Grote namen als Joseph Bruchac, Leslie Silko en M. Scott Momaday maar ook wat minder bekende schrijvers zijn vertegenwoordigd. Jelle Kaspersma, samensteller en vertaler van de gedichten geeft in de inleiding wat uitleg over Indiaanse literatuur. De gedichten zijn veelal gebaseerd op traditionele liederen, die in zijn te delen in vijf groepen.

  1. De vijf liederen van ieder individu.
  2. De liederen van genootschappen en verenigingen.
  3. De gemeenschappelijke liederen.
  4. De medicijnliederen
  5. De peyoteliederen.
Van elke groep worden voorbeelden gegeven. Deze inleiding geeft een goede referentie tijdens het lezen evenals de beknopte informatie over de schrijvers achterin het boek. De gedichten zijn gevarieerd, van traditioneel in zowel vorm als inhoud, tot experimentelere poëzie. De onderwerpen komen allemaal voort uit de Indiaanse belevingswereld; het verlangen naar een minder complexe samenleving, verbondenheid met de natuur, bezorgdheid over het lot van de aarde, het leven van de moderne Indiaan in een reservaat of in de stad etc. 'Slecht Visioen' van Joseph Bruchac gaat over een man die het contact met zijn cultuur heeft verloren en die kunstmatig probeert het contact en begrip te herstellen.
'De Vrees Van Bo-talee' van M. Scott Momaday is meer proza dan poëzie en herinnert aan de mondelinge traditie van Indiaanse verhalen.

'Bo-talee reed met gemak' tussen zijn vijanden door, een keer twee keer, drie keer en vier keer. En allen die hem zagen waren verbaasd, want hij was volslagen zonder vrees; zo scheen het. Maar nadien zei hij: Natuurlijk was ik bang. Ik was bang voor de vrees in de ogen van mijn vijanden.

'De Aarde Is Ons Vlees' geeft een aardig beeld van wat de Indiaanse literatuur aan gedichten gedurende de laatste 20 jaar heeft voortgebracht. Ondanks de moeilijkheden die de Indianen hebben ondervonden sinds de komst van de blanken heeft hun volk en cultuur overleefd. Veel van hun geschiedenis, en de spanning tussen een traditionele levenswijze en de consumptiemaatschappij worden verwoord in deze gedichten.

'De Aarde Is Ons Vlees' samenstelling en vertaling Jelle Kaspersma, is uitgegeven door uitgeverij In De Knipscheer en kost 29,50.

Judith-an Verschuuren


Over duistere praktijken en kooplustige heren


Verslag van de manifestatie

Een verslag van de derde kulturele Indianenmanifestatie in De Kom, geschreven door één van de organisatoren, zal noodzakelijkerwijze voornamelijk de gebeurtenissen achter de schermen belichten. Meestal hebben vrijwilligsters en medewerksters van de Lakota Stichting namelijk nauwelijks tijd om nog iets te zien en te horen van het programma. Zelfs ondergetekende, die in de bevoorrechte positie verkeerde tot taak te hebben de gasten te ontvangen en hun optredens aan te kondigen, ontsnapte niet aan dit droeve lot.
Voor de vaste kern van de Stichting plus een losse vrijwilligster begon zondag 7 oktober, D-Day, al heel vroeg. (Dit om het nóg zieliger te maken.) Om negen uur `s ochtends stonden we voor de deur van de voorzitster, die zelf ook nog niet helemaal wakker was, en uit wraak gingen wij lekker met een winkelwagentje heen en weer racen om de andere buurtbewoners ook uit hun slaap te rukken. Dit wagentje was op slinkse wijze door de voorzitster achtergehouden om alle dozen, video's, programmaboekjes, foldertjes, vellen papier en rollen plakband naar De Kom over te brengen. Jawel, oneigenlijk gebruik van middenstandsbezittingen! Later op de dag zou er nog een duister zaakje afgehandeld worden, en dat is nog maar het topje van de ijsberg.
Eenmaal in De Kom werd in een straf tempo 'even' de juiste omgeving geschapen voor de totstandkoming van een leuke dag. Punt A van het aanvalsplan: slepen met tafels en stoelen voor de informatiemarkt. Punt B: inrichten van de kleinere zaaltjes op de eerste verdieping voor de (dia) lezingen en het videoprogramma. Punt C: het inrichten van de expositieruimtes. Punt D.... Ik zal u alle voorbereidingen verder besparen en het er op houden dat de werksfeer heel goed was. De andere vrijwilligsters kwamen ook binnendruppelen om ons bij te staan, gevolgd door de organisaties die zich hadden opgegeven voor de informatiemarkt, en zodoende lag de hal er rond een uur of twaalf al heel redelijk bij. Dat was ook het tijdstip waarop de eerste bezoekers voor de deur stonden. Een hoopvol teken, deze vroege vogels, en inderdaad. Aan het einde van de middag waren er 210 betalende bezoekers geweest, een behoorlijk aantal voor een evenement als dit. 'Juichend hosten wij huiswaarts'. Maar eerst de opening. Ondergetekende zei iets officieels over Wounded Knee en het waarom van de manifestatie, waarna ik het podium over kon laten aan de Surinaams-Indiaanse zang-en dansgroep Ikyoshie. Terug in de hal was ik nog net op tijd om een dame De Kom binnen te zien stormen. ''Is de Surinaamse dansgroep al begonnen??'' Ja dus. Deze trouwe fan werd alsnog de grote zaal ingelaten. Ook boven op de eerste verdieping verliep alles na wat opstartprobleempjes met de video goed, kortom: de boel ging gesmeerd.
Na Ikyoshie hield de heer Wellinga van de Universiteit van Utrecht een lezing over het beeld van Indianen in de Latijns-Amerikaanse literatuur. Als hij daar eenmaal over begint, blijkt dit onderwerp altijd weer veel te leuk om af te ronden en de lezing liep dus uit. Geen probleem, wij stelden het optreden van verhalenverteller Bram van der Wurff gewoon nog even uit. Na de verhalenverteller kwamen de kooplustige heren. Heer 1 had belangstelling voor de tentoongestelde voorwerpen in de vitrines. Waren die leuke kralendingetjes te koop? Nee, helaas niet. Heer 1 exit. Heer 2 had een mooie poncho gezien, die door het Komitee ter Behoud van het Tropisch Regenwoud aan de muur was gehangen. Kon hij die misschien...? Nee, helaas. Heer 2 exit. Nu ik het toch over heren heb: heer 3, geen kooplustig type, wilde het videoprogramma zien. Na verwisseling van de banden denderde Monty Python echter over het scherm, waar hij geen fan van was. Heer 3 exit. Maar de overige 207 mensen waren heel positief over de manifestatie, dus er is nog hoop voor ons.
Intussen had Duo Cuahutli het podium betreden voor een muzikale rondreis door Zuid-Amerika. Na te zijn 'gemarteld' door mijn Spaans gaven ze nog een verbazingwekkend goed concert. Door enige vertraging gedurende de middag had ik hen echter een half uur later laten beginnen en de geluidstechnici, die gedacht hadden om half 5 klaar te zijn, zagen dat niet erg zitten. ''Voor een bos bloemen willen jullie toch zeker wel doorgaan?'' vroeg ik liefjes. Nou.... Misschien wel.
Zo kwam het dat de manifestatie begon met het achteroverdrukken van winkelwagentjes en eindigde met omkoping door middel van een bosje bloemen. Na het uitzwaaien van gasten en bezoekers en het opruimen van De Kom, gingen drie vrijwilligsters, de voorzitster en ondergetekende onderuit in een naburige pizzeria. We waren een tikje luidruchtig, hetgeen misschien storend was voor de andere gasten, maar ach. Wij hadden net een succesvolle Kulturele Indiaanse Manifestatie tot een goed einde gebracht en daarmee basta.

Ingrid van Amelsfort

N.B. Dit verslag is geheel op persoonlijke titel geschreven!

Canadese Indianen in Nederland


Op 25 en 26 oktober j.l. was er een delegatie Canadese Indianen in Nederland. Eerder die week waren ze bij het Europees Parlement geweest om te praten over de problemen in Canada, afgelopen zomer. In Nederland werd in alle haast een conferentie georganiseerd in het Institute of Social Studies in Den Haag. Doordat het pas zo laat bekend werd, was er helaas maar weinig publiek. De delegatie bestond onder andere uit Elijah Harper, afgevaardigde voor Manitoba die het Meech Lake Akkoord blokkeerde, vertegenwoordigers van Metis en Inuit, en een aantal Mohawks waaronder Ellen Gabriel, woordvoerster bij de Oka-crisis, Kenneth Deer, en Joe Norton, de huidige chief van Kahnawake. De eerste dag van de conferentie werd voornamelijk gesproken over de gebeurtenissen bij Oka in Canada waar Mohawks een zenuwslopende strijd met de Canadese overheid voerden. Het conflict begon met het protest van Mohawks tegen uitbreidingsplannen van een golfbaan die daardoor gedeeltelijk op Mohawk grond zou komen te liggen, en escaleerde tot een kleinschalige oorlog. In Nederland werd de berichtgeving over het conflict verdrukt door nieuws uit het Midden Oosten, maar uit Canadese televisie-beelden en kranten blijkt dat het om een grote opstand ging waarbij het Canadese leger en grof geschut werden ingezet.
De Mohawks bezetten onder andere een brug waardoor omwonenden 2 uur moesten omrijden om in Montreal te komen. Dit zorgde voor een gespannen situatie tussen Indianen en blanken die verschillende tegendemonstraties hielden.
De delegatieleden maakten duidelijk dat het geduld van Mohawks en andere Native groepen op begint te raken. Er moeten goede, bindende afspraken komen over landrechten. Hoewel de bezettingen inmiddels zijn opgeheven, is er nog steeds een gespannen situatie in de twee reservaten. Volgens Joe Norton maakt de Canadese regering zich schuldig aan intimidatie en de schending van mensenrechten. In de pers was er vrij veel aandacht voor de rol van de 'Warriors', wat een goed getrainde 'strijdmacht' zou zijn met veel Vietnam veteranen erin, die niet door het hele volk zouden worden gesteund. Volgens Joe Norton zijn de Warriors geen vaste groep, maar is wanneer het volk wordt aangevallen iedereen een Warrior die het land, vrouwen en kinderen moet beschermen.
De tweede dag werd er gesproken over de verdragen tussen de Canadese regering en inheemse volken. Vertegenwoordigers van de Metis en de Inuit spraken over hun specifieke problemen met de regering en milieugroeperingen. Uit alles blijkt dat de aktiebereidheid onder Indianen toeneemt. Niet alleen in Canada maar ook in de Verenigde Staten waar eerder dit jaar op het Mohawk-reservaat Akwesasne geweldsuitbarstingen waren waarbij verschillende doden vielen. De grote werkeloosheid en uitzichtloosheid op de reservaten en de onwilligheid van regeringen om echt iets aan de problemen te doen gaan zullen steeds vaker gaan leiden tot conflicten zoals die in Oka afgelopen zomer.

Judith-an Verschuuren

Aktualiteiten


KILI
Op 22 en 23 augustus 1990 is het Lakota radiostation KILI uit de lucht geweest om zo aandacht te vragen voor de financiële problemen. Om het grote tekort, 172.000 dollar, op te lossen is er een grootscheepse reorganisatie begonnen. Er is een nieuwe staf benoemd en een comité dat zich met het financiële management gaat bezighouden. Het huidige gat hoopt KILI te dichten met giften waaronder een inzamelingsactie van een 'bevriend' radiostation in New York. Ook op de mensen die KILI luisteren wordt een beroep gedaan om een financiële bijdrage te leveren. Tenslotte bewijst het radiostation de gemeenschap vele diensten. Inmiddels heeft KILI veel giften en steunbetuigingen ontvangen.

MICHAEL WHALEN
Er is een rel ontstaan rond de officier van justitie van een county in Zuid-Dakota, Mike Whalen. Whalen liet zich in een speech voor het stadsbestuur van Lake Andes zeer negatief en beledigend over Indianen uit. Van de Indiaanse cultuur zei hij, dat deze 'goddeloos, rechteloos, hopeloos, werkeloos en moreel onverantwoordelijk is'. De Indiaanse manier van leven betekent voor hem 'uitgedrukte sigaretenpeuken op kinderarmen, het extra goed controleren van de sloten op zijn deuren, autowrakken en lege bierblikjes op de oprit.' In een demonstratie hebben Yankton-Sioux Whalen's aftreden geëist, maar zover is het nog niet gekomen. Gouverneur Mickelson van Zuid-Dakota heeft de opmerkingen van Whalen 'op zijn zachtst gezegd ongevoelig' genoemd. 1990 is in Zuid-Dakota uitgeroepen tot het jaar van de verzoening tussen blanken en Indianen.

BLACK HILLS
Congreslid Matthew Martinez heeft een nieuw wetsontwerp over de Black Hills ingediend. Deze wordt de 'Grey Eagle Bill' genoemd naar een groep van stamoudsten namens wie Martinez het voorstel heeft ingediend. Het nieuwe wetsontwerp stelt voor om 18% van het geconfiskeerde land terug te geven aan de Sioux en een compensatie toe te kennen voor het verloren land. In 1980 had het Hooggerechtshof verklaard dat de Sioux recht hadden op een eerlijke, rechtvaardige compensatie op de illegaal geconfiskeerde gebieden, maar over teruggave van het land is toen niet gesproken. Er is wat kritiek op dit wetsontwerp, vooral omdat deze geassocieerd wordt met Phil Stevens, een millionair uit Californië die claimt Sioux voorouders te hebben maar die een controversiële figuur is in de Indiaanse gemeenschap.
Bovendien zijn er nu twee wetsontwerpen, enkele jaren geleden werd er al een wetsontwerp aangaande de Black Hills-claim ingediend door senator Bill Bradley uit New Jersey, die met elkaar moesten concurreren om het zelfde te bereiken. De Congres-delegatie van Zuid-Dakota is tegen het nieuwe wetsontwerp, ook tegen de Bradley Bill overigens. Volgens senator Larry Pressler is het bon ton voor Oost- en Westkust Liberals om te ijveren voor de Black Hills Claim. Volgens Pressler is het overgrote deel van de bevolking tegen teruggave en zouden racistische gevoelens hierdoor gevoed worden. De Lakota Times juicht het voorstel toe en denkt dat de teruggave van land een manier is voor Amerika om zich te profileren als een land dat daadwerkelijk iets aan de problemen van inheemse volken doet.

MONUMENT
Er is in Washington een hoorzitting geweest om te kijken naar de mogelijkheden een monument op te richten voor de slachtoffers van Wounded Knee. Het Huis van Afgevaardigden heeft het voorstel afgekeurd, maar de initiatiefnemers hebben de moed niet opgegeven en gaan door met het lobbyen. Er werd wel besloten tot een officiële spijtbetuiging van het bloedbad 100 jaar gelden. Het Huis van Afgevaardigden heeft spijt betuigd voor wat er in 1890 is gebeurd. De commissie bestaande uit familieleden van de slachtoffers heeft dit echter afgewezen omdat zij specifiek hadden gevraagd om een verontschuldiging en niet om een spijtbetuiging.

FILM
'The ride tot Wounded Knee' is de titel van een dcumentaire-film die eind van dit jaar in Amerika in première gaat. Naast historische beelden en een reconstructie van de gebeurtenissen vanaf Sitting Bull's dood tot aan de slachting bij Wounded Knee, zijn er ook interviews in verwerkt met Indianen die vertellen wat voor invloed Wounded Knee op hun leven in 1890 heeft.

BIA
Minister van Buitenlandse Zaken Lujan heeft het voorstel gedaan om het slecht functionerende BIA (Bureau voor Indiaanse Zaken) te verdelen in drie kantoren. De stamraden hebben niet enthousiast gereageerd omdat de nieuwe situatie alleen maar de bureaucratie in de hand zou werken.

GIFT
De Oglala Sioux Tribe heeft van een organisatie die zich bezighoudt met de bestrijding van drank en drugs-gebruik een gift van 2,6 miljoen dollar gehad. Het geld zal gebruikt gaan worden om twee anti-alcohol en drugs-programma's gedurende vijf jaar te financieren.

DANCES WITH WOLVES
In februari gaat in Nederland de film 'Dances with Wolves' van en met Kevin Costner in première. Dit is een historische film over de Lakota. De film is in Amerika al uitgeroepen tot beste film van 1990 en heeft 6 nominaties gekregen voor de Golden Globe Awards.


Colofon


Redactie: Ingrid van Amelsfort (hoofdredactie) & Judith-an Verschuuren
Organisatie & produktie: Gerda Bolhuis
Layout/logo's: Ad Vermeulen
Bijdragen: Ingrid van Amelsfort, Gerda Bolhuis, Judith-an Verschuuren

ISSN 0926-2989